Kamervragen over onderzoek naar buitenlandse bankrekeningen
Recentelijk werd aan Fiscaal up to Date een brief ter hand gesteld waaruit bleek dat de Belastingdienst een onderzoek was gestart naar Nederlands ingezetenen, die in het buitenland één of meer bankrekeningen aanhouden (zie FutD 2001-2069). Naar aanleiding hiervan volgden vele berichten in de dagbladpers. In een artikel van NRC Handelsblad van 10 november 2001 werd melding gemaakt van een onderzoek naar de achtergronden van dit onderzoek. Het zou gaan om een omvangrijk onderzoek van de FIOD en het Expertisecentrum Fiscale Fraude van het Openbaar Ministerie waarbij onder meer cliëntgegevens van een Luxemburgse bank worden gebruikt. De Nederlandse fiscus zou via de Belgische autoriteiten microfiches en een lijst met namen van de Kredietbank SA Luxembourgeoise (KBL) hebben ontvangen. Die zouden in 1994 zijn ontvreemd (en ook zijn vervalst) door een aantal werknemers van de KBL met als doel de cliënten van de bank te chanteren. Deze berichten waren voor het Tweede-Kamerlid De Wit (SP) aanleiding om vragen te stellen aan de minister van Justitie. Hij wil weten op welke manier de Belastingdienst aan de benodigde gegevens voor het onderzoek is gekomen. De heer De Wit vraagt bovendien of het juist is dat de gegevens afkomstig zijn van een diefstal bij de KBL.
NRC Handelsblad 10-11-2001 (Fida 20013986) en Tweede Kamer 13-11-2001, vragen nr. 2010202220 (Fida 20013953)